Essay


   Oudste eerst 

Dikke Freddy in het zilver
Hilarisch, noodzakelijk en relevant.

Heerlijk leesvoer, de brieven van dikke Freddy die Erik Vlaminck de afgelopen twintig jaar schreef. Dikke Freddy leeft aan de rand van de maatschappij in schrale flatjes of opvangtehuizen en fulmineert, ageert en reageert vanuit zijn leefwereld op de (wan)toestanden die zijn pad kruisen. Of het om een foute beslissing gaat van de burgemeester van Antwerpen, een parlementair besluit dat zijn leven bemoeilijkt of een conflict met buren, agenten of De Lijn: dikke Freddy kruipt in zijn pen en klaagt op humoristische en onnavolgbare wijze de problematiek aan. De kritieken van dikke Freddy lijken soms van de pot gerukt, maar verassen steeds door de relevantie die plots tevoorschijn springt en verbazen in de creativiteit van de oplossingen die hij uit zijn hoed tovert. Nooit gratuit, boordevol ironie en gedrenkt in de heerlijke taal die Erik Vlaminck meester is, zijn de brieven van dikke Freddy ontspannend en noodzakelijke leesvoer. Vlaminck creëerde het personage van Frederik De Meester voor zijn columns in 'Alert', magazine voor Sociaal werk en politiek. De verzameling "Hoogachtend, dikke Freddy" brieven van dikke Freddy 1993-2013 is een zinvol en toegankelijk tijdsdocument met tijdloze relevantie. (Deze recensie werd voor dat boek geschreven, maar geldt evenzeer voor 'Dikke Freddy in het Zilver' de recentere, nog verkrijgbare verzameling brieven) Tijdens de lezing zal een glimlach haast onafgebroken je gelaat sieren, terwijl je brein regelmatig licht ziet schijnen op zaken waar het voorheen niet bij stilstond. Aanrader.

editor

Door Gert De Bie sinds 11 dagen

Waagstukken
There Is a Crack, a Crack in Everything... That's How the Light Gets in ('Anthem' Leonard Cohen)

“Moet dit boek er zo uitzien of zou het kunnen dat ik een misdruk vast heb?” vraagt een verbijsterde klant. “Neen, dat hoort zo te zijn. En een misdruk is het zeker niet” [...] Net zozeer als die verwarde klant die zich geen houding weet met het onvolmaakte boek dat tussen zijn handen pivoteert, geraakte ook Charlotte Van den Broeck gefascineerd door onvolmaakte bouwwerken. Bouwsels waarbij iets misliep en waarbij hun scheppers “het gereedschap van de hoogmoed” inruilden voor nederigheid en soms - zoals de legende het wil – zelfs voor de dood. Die grens waar het waagstuk van iets scheppen, het hele leven van de schepper inhaalt, vormt de hoeksteen die de ambities van deze architecten en die van de schrijver aan elkaar verbinden. Wanneer is de mislukking (van een kunstwerk) in de ogen van zijn schepper een mensenleven waard? Of om het met de woorden van de auteur uit te drukken: op welke grens wordt “de mislukking van zijn schepping als de mislukking van zichzelf” ervaren? Met die vraag gaat Charlotte Van den Broeck op reis door Europa en de V.S. en poogt ze eerherstel en terugkoop te gewinnen voor dertien door publiekelijk falen gevallen architecten. “Scheppen is waaghalzerij” ergo schrijven is waaghalzerij. Door haar schrijverschap voelt Charlotte Van den Broeck zich lotgenoot van de gesneuvelde architecten. Van het fatale zwembad in Turnhout tot de nationale bibliotheek in Valletta en de bewegende beeldentuin in Colorado Springs - allen vormen communicerende vaten waarmee het vallen en wederopstaan van haar eigen literaire ambities voortdurend resoneren. Slalommend tussen drang naar perfectie en wanhoop blijft aan elk van de mislukte bouwprojecten ook een stukje van de schrijver zelf kleven. [...] Charlotte Van den Broeck begint waar de andere artiesten in haar werk eindigden en verbouwt het architecturale fiasco tot een knutselwerk van taal. Verrukkelijke taal. En als we het dan toch essay durven noemen: een werk waarbij we mogen proeven van wervelende beeldspraak en dichterlijke beschrijvingen waarin journalistiek afgewisseld wordt door jeugdsentiment en herinnering. Een stuk waarbij we het binnenwerk achter de architecturale façades gepresenteerd krijgen. De échte binnenkant. De binnenkant van de schepper(-s): puur, rauw, oprecht, erudiet, filosofisch, verpletterend ambitieus en tegelijk destructief. Een boek met een open rug, een foutje. Een foutje dat iets open laat zodat het licht en het leven er doorheen kunnen schemeren. (Uit Laudatio Confituur Boekhandelsprijs)

editor

Door Linde De Vos sinds 41 dagen

Dit mooi vormgegeven naslagwerkje geeft een leuk en origineel beeld van Hugo Claus' magnum opus "Het verdriet van België" dat 30 jaar geleden verscheen. Een interview met Claus vertelt je over de visie van de schrijver op zijn boek en de behandelde thema's. Een essay van Mark Schaevers leert ons over de totstandkoming van dit meesterwerk en een historische inleiding schetst de uitgebreide familie Claus waarop de meeste personages in het boek gebaseerd zijn. Verder is een alfabetisch lexicon de hoofdmoot van dit frisse boekje: in deze gids laten schrijvers allerhande hun licht schijnen op ideeën, personages, feiten of contexten die in Het verdriet van België een rol spelen. Dit gebeurt dikwijls met scherpe pen en originele invalshoeken wat een reis door Het verdriet tot een amusante en leerrijke tocht maakt. Mooie & originele uitgave!

editor

Door Gert De Bie sinds 42 dagen

On Connection
U wist inmiddels al dat we fan zijn van Kae Tempest. Daar doen we nu nog een schepje bovenop.

In dit essay - geschreven tijdens de eerste Covid-19 golf - gaat Tempest op zoek naar de essentie van creativiteit en de zin daarvan in hun en ons leven. Hoe gedetailleerder zij naar zichzelf kijken en hoe eerlijker ze dat beschrijven, hoe universeler hun boodschap; schrijven ze zelf en daar raken ze meteen nagels met koppen. De strijd die Tempest al hun hele leven met zichzelf leveren, is erg herkenbaar. Wat zij daar uit leren en hoe ze dat proberen waar te maken is universeel en helder onder woorden gebracht. Tempest wil niet meer overtuigen, maar gewoon connectie maken. Mensen voelen, aanvoelen, begrijpen en mededogen tonen. Hoewel creativiteit en hun leven als muzikante en woordenaar de rode draad lijken te vormen, gaat het essay over de kunst van het leven. Met vallen. Hard vallen. En weer opstaan. Sommige hoofdstukken smaken naar 'De meeste mensen deugen' van Rutger Bregman en andere weer naar 'This is water' van David Foster Wallace. Maar heel het boek is een prachtig pleidooi om oprecht te leven en oprecht te zijn ten midden van je omgeving. Een pleidooi om bewust te zijn en mededogen te hebben met jezelf. Geen eisen, geen verplichtingen. Wel de oprechte vraag om het te proberen, steeds opnieuw. Want connectie maken met je omgeving, staat je toe connectie te maken met jezelf. Helder verwoord, krachtig uitgewerkt, nergens pedant of belerend en steeds met oog voor falen en het recht daarop. En niet half zo zweverig als mijn laatste zin van de vorige alinea leek. :) waarvoor excuus. Als ik leerkracht Engels was, wist ik wat mijn leerlingen de komende jaren te lezen kregen. Schoon. Heel schoon.

editor

Door Gert De Bie sinds 47 dagen